bondia header navigatiemenu

Tumba en tambu

Toemba en Tamboe

Omdat Curaçao, Aruba en Bonaire eilanden zijn, ver weg van Nederland, hebben ze een heel eigen cultuur. Niet alleen hebben ze een eigen taal, maar ook bijzondere muziekritmes, die je alleen daar kunt horen. Aan de verschillende muzieksoorten die er gespeeld worden, kan je horen dat de eilanden invloeden van over de hele wereld hebben gehad.

Toen Nederland de eilanden in handen kreeg, woonden er niet veel mensen. En de Nederlanders stuurden bijna alle mensen die er nog woonden weg. Sindsdien kwamen er mensen uit verschillende delen van de wereld naar toe om er te wonen en te werken. Die mensen brachten allemaal hun eigen soort muziek mee. Die muziek stond niet op cd of Spotify, dat was er toen nog niet, en er waren ook nog geen microfoons, cassetterecorders of elpees (weet iemand nog wat dat zijn?). Daarom konden ze niet horen hoe die muziek precies werd gespeeld en maakten ze er eigen variaties van.

Afrikaanse mensen, die op de eilanden in slavernij moesten werken, brachten Afrikaanse ritmes mee. Daar kwamen de Tambú, Tumba en de Seú uit voort. (In het Papiaments wordt de 'u' altijd uitgesproken als een 'oe'.)

Rijke handelaren op Curaçao haalden van over de hele wereld spullen waar ze hun huizen mee inrichtten. Mensen met grote huizen hadden een piano en haalden violen naar het eiland. En introduceerden dansmuziek uit Europa zoals de polka en de wals.

Op Aruba ontstond een muziekvorm die Dande wordt genoemd. Net als de Tambú op Curaçao wordt Dande rond oud en nieuw gespeeld. De Dande-muzikanten gaan in optochten van deur tot deur om de mensen een gelukkig nieuwjaar te wensen.

In de filmpjes hieronder wordt uitgelegd hoe je de ritmes kunt herkennen.

Tumba

De Tumba is een swingend dansritme waar veel vrolijke liedjes op worden gemaakt. Elk jaar is er een groot songfestival op Curaçao, Aruba en op Bonaire, waar alleen maar liedjes met dat tumba-ritme worden gespeeld. Het tumbafestival is altijd een paar weken voor de carnaval. Het is een wedstrijd waar je alleen met een nieuw liedje aan kan meedoen, dat speciaal voor de wedstrijd is gecomponeerd. De zanger die wint, wordt tumbakoning. Hij krijgt een grote kroon op het hoofd en moet in de weken voorafgaand aan het carnaval het liedje overal komen zingen. Izaline Calister won het festival een paar jaar geleden met het liedje Sasa na Awasa, en werd tumbakoningin. Ze was de tweede vrouw die het tumbafestival ooit won. De eerste koningin was de bekende zangeres Elia Isenia.

Toen Izaline won, waren er wel meer dan 100 zangers en zangeressen die meededen. Bijna alle mensen van Curaçao, Aruba en Bonaire dromen ervan om ooit eens aan het tumbafestival mee te doen en bijna iedereen heeft wel een idee waar hun liedje over zou moeten gaan. Kinderen willen graag tumbakoning of -koningin worden.

Danza

Na de uitvinding van de stoomboot in de 19e eeuw werd er steeds meer gereisd, want de schepen waren niet meer afhankelijk van de wind. Veel matrozen van Curaçao reisen de wereld over en veel zeelieden en handelaren uit de andere eilanden in de Caribische zee kwamen naar de zeehaven van Willemstad. Die namen hun muziekinstrumenten mee en maakten op straat de muziek uit hun land. Zo kwam uit Spanje via Cuba de contradanza. naar Curaçao. In de loop van de tijd veranderde die muziek een beetje, tot een vorm die heel typisch voor Curaçao, Aruba en Bonaire is. We kennen de muziek zoals die nu wordt gespeeld als Danza.

Wals

Uit Europese landen kwamen klassieke muzieksoorten naar Curaçao. In de loop van de tijd veranderden die muziekvormen een beetje, tot verschillende soorten die heel typisch voor Curacao en Aruba en Bonaire zijn.
De muzikanten op Curaçao speelden de ritmes zoals zij vonden dat je er lekker op kon dansen en maakten er net iets anders van. Het belangrijkste verschil was dat ze hun percussie-instrumenten gebruikten in de muziek zoals dat in Europa niet werd gedaan. Vaak werd de muziek gespeeld op eenvoudige en zelfgemaakte instrumenten. Of op een eenvoudige kleine gitaar (kwarta), die uit Venezuela werd gehaald. En er waren ook mensen die zelf een liedje bedachten. Componeren heet dat met een moeilijk woord. Zo ontstonden er andere versies van de muziek die uit Europa kwam. En van al die ritmes worden de Antilliaanse wals en de polka nu nog steeds gespeeld. Meer dan 150 jaar later.

Seu

Seú was de muziek die werd gespeeld tijdens het oogsten van de maïs, die van het land werd gehaald. Dat was een belangrijk moment in het jaar, want dan zaten de maanden van hard werken er weer op. Het verzorgen van de maïsplanten, het bewerken van het land in de hete zon was zwaar werk en iedereen was blij dat het weer gelukt was. Er werd een optocht georganiseerd om de maïs naar de voorraadschuren te brengen.

Ze speelden op trommels die ze van een rumvaatje maakten en sloegen op landbouwgereedschappen als een percussie-instrument. Ze bliezen op een grote koehoorn. Vlakbij de punt van de hoorn werd een gat geboord waar je met gespannen lippen verschillende tonen op kon blazen. Deze hoorns werden ook gebruikt om berichten over te seinen van de ene plantage naar de ander. Behalve dat je er op kon blazen kon je ook in de hoorn zingen, zodat je geluid versterkt werd. Zo kon je berichten versturen van de ene plantage naar de andere op het eiland. Als een ouderwetse Whatsapp.

Ook nu nog worden er elk jaar in april optochten gehouden op de eilanden waarbij seú-muziek wordt gespeeld.

Polka

Uit Europese landen kwamen klassieke muzieksoorten naar Curaçao. In de loop van de tijd veranderden die muziekvormen een beetje, tot verschillende soorten die heel typisch voor Curaçao, Aruba en Bonaire zijn.
De muzikanten op Curaçao speelden de ritmes zoals zij vonden dat je er lekker op kon dansen en maakten er net iets anders van. Het belangrijkste verschil was dat ze hun percussie-instrumenten gebruikten in de muziek zoals dat in Europa niet werd gedaan. Vaak werd de muziek gespeeld op eenvoudige en zelfgemaakte instrumenten. Of op een eenvoudige kleine gitaar (kwarta), die uit Venezuela werd gehaald. En er waren ook mensen die zelf een liedje bedachten. Componeren heet dat met een moeilijk woord. Zo ontstonden er andere versies van de muziek die uit Europa kwam. En van al die ritmes worden de Antilliaanse wals en de polka nu nog steeds gespeeld. Meer dan 150 jaar later.

Tambu

Een heel belangrijk ritme op Curaçao is de Tambú (tamboe). Het is de oudste muziek van het eiland, die van oorsprong nog uit Afrika komt. Het is gezongen muziek, die wordt begeleid met een trommel en andere percussie-instrumenten. Tambú wordt gespeeld in de dagen rond oud en nieuw op drukbezochte nachten waarin veel gedanst wordt. De teksten van de liedjes gaan vaak over de politieke gebeurtenissen van het afgelopen jaar. Soms wordt er kritiek geuit op de bestuurders van het eiland. Vanwege het uitbundige dansen en de kritische teksten werd Tambú lange tijd verboden door het Nederlandse bestuur van Curaçao. Ze vonden het dansen niet netjes en wilden niet hebben dat de mensen elkaar vertelden wat hun niet beviel en waar ze tegen wilden protesteren.

Het woord Tambú betekent niet alleen het ritme, maar zo heet ook de trommel waarop gespeeld wordt én de bijeenkomst waar gezongen en gedanst wordt.
Tambú is meer dan muziek alleen, het vertegenwoordigt in de Curaçaose maatschappij het verzet tegen slavernij en de eeuwenlange onderdrukking door de Nederlandse overheid.